Blaas katheteriseren bij thrombolyse.

Upload 1 juli 2016.

Inhoud

Basisgegevens

Auteurs

  • redactie

Autorisators
Nog geen autorisators.

Stap 1: Ask

Klinisch Scenario

Tijdens de uitwerking van het zorgpad “beroerte” was er veel discussie over het plaatsen van een blaaskatheter bij patiënten met een herseninfarct na het toedienen van intraveneuze weefselplasminogeenactivator (rTPA). Besloten werd dat 90 minuten na het starten van trombolyse een veilige marge is voor het plaatsen van een blaaskatheter of een eenmalige blaaskatheterisatie. Al snel deed de vraag zich voor of het ook veilig is om eerder een blaaskatheter te plaatsen, namelijk 60 minuten na het starten van de trombolyse.

PICO

  • P: Patiënten met een herseninfarct
  • I: Blaaskatheter 90 minuten na trombolyse
  • C: Blaaskatheter 60 minuten na trombolyse
  • O: Bloeding urineweg

De Vraag

Stap 2: Acquire

Tabel van Terminologie

Niet ingevuld.

Zoekacties

Search: PubMed, Cochrane, TRIP en Google. Er is gezocht naar publicaties uit de periode 2010-2016. Zoektermen: alteplase, thrombolysis, urinary tract bleeding. Resultaten: 33 publicaties, waaronder richtlijnen en primaire studies. Geen van de gevonden publicaties gaf antwoord op de onderzoeksvraag.

Geïncludeerde Studies

    Wegens gebrek aan wetenschappelijk bewijs bevat deze CAT geen literatuur bronnen.

    Stap 3: Appraise

    De Methodologie

    Bij gebrek aan wetenschappelijk bewijs is geïnventariseerd wat de huidige praktijk in België is en zijn
    klinische experts benaderd voor advies. Bij 5 centra, waarvan 3 universitair, werd gevraagd of het
    tijdsinterval van blaaskatheterisatie onderdeel was van hun protocol en of dit protocol evidence-based
    was. In AZ St. Lucas te Gent werden 2 urologen, een hematoloog en een cardioloog de volgende vragen
    gesteld: “Denkt u dat het veilig is om te katheteriseren 60 minuten of 90 minuten na het starten van
    trombolyse?” en “Denkt u dat het veiliger is om nog langer te wachten?”.

    Stap 4: Apply

    De Conclusie

    Geen van de instellingen hadden een evidence-based protocol en 3 instellingen hadden uberhaupt geen
    protocol over katheteriseren na trombolyse. Twee ziekenhuizen stelden in een protocol dat katheterisatie
    na 90 minuten vanaf de start van trombolyse was toegestaan.
    De experts antwoordden onder andere het volgende:

    • “Katheteriseren is eigenlijk a-traumatisch en zou geen hematurie mogen veroorzaken, dus het
    interval van 60 of 90 minuten is volgens mij niet bepalend.”

    • “Het maakt niet uit wanneer er gekatheteriseerd wordt, daar mucosale bloedingen geen
    contraindicatie zijn voor het toedienen van trombolyse. Dus zou het in principe wel mogelijk
    moeten zijn om blaaskatheters te plaatsen 60 minuten na het starten van trombolyse.”

    • “Traumatische katheterisatie hangt van vele factoren af: de ervaring van de verpleegkundige,
    gespannenheid van de patiënt, vlotheid waarmee de katheter geplaatst kan worden, grootte
    van de prostaat. Ideaal zou zijn om vóór de trombolyse een blaaskatheter te plaatsen, maar omwille van tijdsverlies voor het toedienen van trombolyse is dit ook niet aangewezen.”
    De experts konden geen zekerheid of duidelijkheid geven van het bestaande tijdsinterval van 90 minuten.
    Volgens hen zou een interval van 90 minuten ook veilig kunnen zijn, mits overige risicovolle factoren
    overwogen of uitgesloten zijn.

    De Aanbeveling

    • Het is onduidelijk welke richtlijnen gehanteerd moeten worden omtrent het tijdstip van katheriseren
    van patiënten met een herseninfarct na trombolyse.
    • Niveau van bewijs: D

    Stap 5: Assess

    De Aanbeveling

    Het is onduidelijk welke richtlijnen gehanteerd moeten worden omtrent het tijdstip van katheteriseren van patiënten met een herseninfarct na trombolyse. De literatuur bood geen antwoord op de onderzoeksvraag en navraag bij verschillende ziekenhuizen gaf geen eenduidig beleid. De klinische experts die hierover zijn bevraagd gingen vooral af op klinische expertise. Verder onderzoek is noodzakelijk om een antwoord te krijgen op de onderzoeksvraag en consensus te krijgen binnen de discipline Neurologie. Deze conclusie biedt de mogelijkheid voor een beleid waarbij patiënt-specifieke factoren (grootte van de prostaat, aandrang en volume van blaasinhoud) kunnen leiden tot afwijken van het protocollaire tijdsinterval. De klinische expertise van de verpleegkundige en de wensen van de patiënt zijn hierbij de doorslaggevende factoren.